is toegevoegd aan uw favorieten.

Reize van Zeeland over de Kaap de Goede Hoop en Batavia, naar Samarang [...] in de jaaren MDCCLXXIV tot MDCCLXXVIII.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MACASSER, AMBOINA, &£ p?

terfte aanbelang voor de Maatfchappij, dat het wel beftuurd worde, Wegens de onmiddelijke re* latie die het heeft tot de rust dier twee binnenlandfche Vorsten, die elkander eenen doodlijken haat toedfaageii, welks einde de Maatfchappij niet gaarne zou zien, omdat Zij, zoo lang dezelve duurt, haare bezittingen langs de flranden óngeftoord blijft behouden, en altijd meester blijft van het binnelilandfche , fchoon niet in naam, vermits Zij, met een van de Vorsten famenfpannende, de balans altijd zoo fterk kan doen overüaan, tot nadeel van den anderen, dat deze genoodzaakt is, zich in rust te houden,

Dit beoogde Zij ook met het aanblaazcn van het - ongenoegen dat er heerschtc tusfchen den soesoehoenam en den manko bóeNi, waafuit de Javai'che oorlog zijn begin nam.

De laatfte, een Prins van Keizerlijken bloede, en afftammeling van den voorigen soesoehoenam, begeerde zekere Landftreek, de Mattaram, tot zijn appanage, welke reeds aan den Kroonprins masseyd (*), zoon van den soesoehoenam, was toegelegd.

De*

(*) Deze masseyd was klein van perfoon, goedaar* tig van imborst, en beroemde zich , dat hij fiooit eea Europeer anders dan vechtenderhand gedoód had: daar integendeel manko eoewi, en zijn zoon de Kroon»