is toegevoegd aan uw favorieten.

Inleiding tot de kennisse der natuurlyke wysbegeerte.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

228

Botzing van Lichamen

L. Zulks kan niet ontkend worden. - Wanneer de Lichamen elkander ontmoet hebben , zullen 4 graden fnelheids van het agterfle gelyk flaan, met even zo veel graden van het voorfte Lichaam.

M. Dit gedeelte van fnelheid kan derhalven niets tot de verfnelling van het voorfte Lichaam te weeg brengen.

L. Zeker niet; dewyl twee Lichamen tegen een gevoegd, en met gelyke fnelheid voortbewegende elkander niet verfnellen noch vertragen kunnen ; — zulks hebt gy te vooren klaar bewezen.

M. By aldien nu het agterfle geene grootere fnelheid dan de 4 gemelde graden na de ontmoeting bezat, zou hetzelve alleen met het voorfte Lichaam vereenigd, even fnel voortbewegen ; weshalven 'er noch verfnelling aan d'eenc, noch vertraging aan de andere zyde zoude plaats hebben. — Maar het eerftgenoemd Lichaam heeft boven de gedagte 4 graden ; nog 4 trappen , of eene zodanige betrekkelyke fnelheid: met deze fnelheid alleen is het, dat het agterfte op het voorfte Lichaam gezegd kan worden eenige kracht te oeffenen; en dat wel op gelyke wyze als wy gisteren hl. 207. beredeneerd , en wyders proefkundig beveftigd hebben. Ik meen , dat het

voorfte Lichaam, na door het agterfte te zyn ingehaald, kan worden aangemerkt, als een in ruft hangend Beletzel, hetwelk met hetzelve eene ge. lyke zwaarte heeft.

L. In