Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Oorsprong van de Snelheid. s$

Laatcn wy tiu , eer verder te .gaan , kortelyk ons herinneren , wat de Leer van vryvallende Lichamen geleerd heeft.

Ik heb u te voorcn doen zien , dat de fnelheid , welk een Lichaam uit eene zekere hoogte gevallen na het einde van dien Val , is als de wortel van die hoogte ; of anders gezegd, dat dc hoogte van den Val is als het vierkant van dé fnelheid..

L. Ja toch. — Gy hebt zo reden- als Proef? kundig betoogd , dat de ruimten», of wegtn, welke door den Val worden afgeloopen, zyn als het vierkant van de fnelheid.

By voorb. zo een Lichaam A geva'len is, uit eene hoogte van 16; en een ander Lichaam B uit de hoogte van 25 voeten , dan zyn deze getallen , als de vierkanten der fnelheden, uit den Vfcl

van gemelde hoogtens verkregen. Nadcmaal

nu het vierkant van de fnelheid een Product, is van die grootheid met zichzelve vermeenigvuldigd , is het onbetwiflbaar, dat de fnelheid is, als de wortel van het vieikant der fnelheid; derhalven is dc fnelheid zelve , als de wortel van da hoogte, van 16 en «5 voeten: namenlyk de fnelheid van het Lichaam A uit 16 voeten , is tol de fnelheid van het Lichaam B uit 25 voeten hoogte gevallen , als 4 tot 5, om dat deze ge* tallen de wortels zyn van 16 en 25.

M. Het ftrekt my zeer tot genoegen, dat ge het voorig geleerde zo juift begrepen hebt.

B s Dit

Sluiten