is toegevoegd aan uw favorieten.

Leven der Nederlandsche dichteren en dichteressen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

42 LEVEN van

wel, door eene gewrongene ftijfheid, van die kunftige losheid beroofd, welke het oorfprongelijke eene zo bevallige levendigheid bijzet. Daar en boven, er zijn in het werk van Ovidius, gelijk in alle andere goede Dichtflukken, menigvuldige dier kleene fchoonheden, (indien ik ze zo noemen mag ) welke, fchoon onaf han gelijk van de algemeene behandeling des onderwerps, echter als wezenlijke fieraaden op het geheel eene gelukkige werking doen, en die, gelijk zij meest al door eene fijnere kunstgreep uit kleinigheden gebooren worden , zo ook even ras door eene ligte mishandeling verlooren gaan; dit laatfte zelvs zoude men bijna als derzelver gewoone noodlot mogen befchouwen in de handen van Vertaalers; nu eens worden zij door eenen ontijdigen woordenvloed verzwolgen, door laffe bijvoegfelen verflikt, dan weder door geeftelooze uitdrukkingen, door verkeerde woordenfchikking verminkt, of op eenige andere wijze onkenbaar gemaakt, en het is er zo verre van daan dat de anderfins keurige Hoogvliet, ten dezen aanzien, boven de ftruikelingen van veelen zijner medebroeders zoude zijn verheven geweest, dat integendeel het werk des Latijnfchen Dichters, in die foort van fchoonheden, bij de vertaaling vrij wat fchijne geleden