Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fan de boomen en heesters enz. . 235

De voornaamde boomen zijn de Eik, de Pijn-» boom, de Suiker-Ahorn, de Esfchenboora, de Kanadafche Pijnboom , de Wie-hout-boom, de Ceder, de Olmboom, de Berkenboom, de Denneboom , de Zoethoutboom, de Populier, de Wickopick of Suckwick, de Harstboom , het Knoopen - hout. De Nootenboomen zijn de Boter - of Olienoot, de Ockernoot, de Hazelnoot, de Beukennoot, de Pecannoot, deKastanjen- en de witte Walnoot. De vrugtboomen , die, gelijk men denken kan , alle wild zijn, zijn de Wijngaard , de Moerbezieënboom, de wilde Appelboom, de Pruimenboom, de Kersfenboom, en de zoete Gomboom of Liquidambar.

DE EIK.

Daar zijn verfcheiden foorten van Eikenboomen in deeze ftreek : de zwarte , de witte , de roode, de geele , de graanwe, de moeras-eik, en de kastanjen - eik : de vijf eerde verfchillen weinig in haare uitwendige gedaante, zijnde de vorm der bladeren en de kleur van den bast zoo zeer gelijk, dat zij naauwlijks van eikanderen te onderfcheiden zijn ; maar de dam van den boom, doorgezaagd zijnde , ontdekt het verfchil, dat hoofdzaaklijk bedaat in de kleur van het hout, zijnde zij alle zeer hard en. goed tot timmerhout.

De

Sluiten