Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B O X.

BOX. BR jfc Szt

of uitgebroken * of ook de fteenen, kantftukken, ma-* teriaalen, tot reparatie of het maaken van den ftraatweg aangevoerd, mitsgaders de paaien langs den ftraatweg; ftaande, of eenig hout of ijzerwerk, behoorende tot de bruggen of riooien in den ftraatweg, wierden geroofd of geftolen, zullen de daaders, boven de vergoeding: van fchade, daarover arbitralijk worden gecorrigeerd; — de Pachters van de Barrieregeld en, in gebreken blij. vende, hunne uitgeloofde penningen op de gefielde tijden te voldoen, zuilen dezelven, zoowel ais hun* nen Borgen, van wegen de Magiftraat van 's Bosch door door een van 's Lands Deurwaarders of dooreen Groen» roede van de Stad paratelijk mogen worden geëxecuteerd; doch welke parate executie niet langer zal plaats hebben dan zes maanden na liet expireeren van ieder jaar na de verpachting;' in welke de fchuid is vervallen; — alle differenten , uit hoofde van dit reglement voorkomende, zoo wegens fraudes als anderzints, zullen bij Schepenen van 's Bosch', na mondeling verhoor van Partijen, de piano en zonder figuur van proces worden afgedaan; — laatfteiijk, dat het octroij, mitsgaders deze lijst en reglement zullen gedrukt en gehangen moeten worden aan of in de huizen van ieder der Barrières, en de Pachters of Collecteurs gehouden zijn , de Voerlieden en anderen, zulks requireerende, het octroij, de lijst en het reglement te vertoonen, op pcene van anderzints van hun Barrieregeld te zijn verftoken.

■ BRABAND. De Hertog van Braband en de Graaf van Holland hebben, op den 18 Augustus 1326 OO. bevestigd de paalfcheidingen, welke voorheen •tusfohen. Holland en Braband gemaakt zijn, van het grondelpoze mcerken af tot den meerdijk toe, die agter Bezoijen

légt, waarvan een brief is van den jaare 1314. ~

Men vind ook verfcheide getuigenisfen nopens dezelve landfeheiding; als van den 1 October 1326 00 van Wif« !em van Wichvliet, dat hij was knaape des Heere van. Striene, eer hij timmerde Oosterhout, en dat hij hem daarvan zijnen wege maaken deed een bouwhuis, dat het eerfte huis was 't welk hij daar verkreeg, en dat huis ftond binnen de heininge,'en ai het Land dat binnen de heininge lag, dat hield men over het Land van Breda, en die ftraat buiten de heininge, en dat buiten de heininge lag, dat hield men over het Land van Holland, en dat plagt die Heer van Strieu te gebruiken bij bede, die hij deede aan die van Bergen; dat hij ook zag, dat het ten eenigen lijde geviele, dat beesten uit het Land van Breda over de voorfz. ftraat moeten komen, dat die van Bergen kwamen en haalden die beesten ; toen kwam het geruchte dat die van Bergen fchade doen wilden in het Land van Breda, en daar lag een onvroed man in de Kerk van Oosterhout, welke te voren uit de Kerk niet wilde komen; maar toen hij dat geruchte hoorde vau die van Bergen , dat zij he^t Land van Breda zoeken wilde, toen zeide hij', daar wilde hij voor fterven, en nam een vaane uit de Kerk en liep derwaarts, en als hij kwam aan de voorfz. ftraate toen ftelde hij die vaane neder, en zeide dat daar het gcfcheid ware, hij wilde in Holland niet misdoen, maar wilde daar iemand overtreeden, hij zoude daar voor

fter. "

Doch waarvan worden uitgezonderd de huislieden, welke hunne • paarden naar de weiden , tot het bouwen van den akker of ander noodzaaklijk gebruik, verbrengen, gelijk mede de Ruiters of Dragonders van het Guarnifoen, wanneer die met hunne paarden uit wandelen rijden, of ook naar de ftallen of weiden gaan.

Een pakpaard, geladen met bagagie of koopmanfchap , zal aan ieder Barrière betaalen • . . .ƒ-:■-;: 8

Doch de Drijver zal voor zijn pasfeeren vrij zijn.

Eenige Voerlieden of anderen*, tegen wil en dank van de Pachters, de Barrières pasfeerende, zonder dezelve aan hunne gerechtigheid te hebben voldaan, zullen daarover niet alleen van de Pachters mogen worden agterhaald en aangehouden, maar'daarenboven verbeuren een boete van tien gulden, te VerdeeJen als voren.

Zoo bevonden wordt, dat er meer als de gerechtigheid is gevorderd of ontvangen, zal de Pachter of Collecteur, zulks gedaan hebbende, verbeuren een boete van honderd gulden, de eene helft voor den Hoogfchout van 's Bosch, en de andere helft voor den Aanbrenger; — de Pachters of Collecteurs van het Barrieregeld zullen niemand daarvan vrij mogen laaten, noch de Magiftraat vau 's Bosch niemand daarvan eximeeren, op een boete van twintig gulden, bij den Pachter, en van zes honderd gulden, bij den Magiftraat te verbeuren, te verdoelen als in het laatstvoörgaande articul; uitgenomen nochtans de Heeren Gedeputeerden van H. Hoog Mog., en van den Raad van Staaten , mitsgaders van de respective Collegien tér Admiraliteit, en de respeftive Commifen Generaal, als ook de Militie met haar bagagie, marcheerende met patent van H. Hoog Mog. of van H. Ed. Móg.; wijders 's Lands materiaalei!, vivres, artilierij en ammunitie van oorlog; alsmede de karren en wagens, pasfeerende met materiaalen tot het repareeren van de fteene ftraaten, bruggen en Barrière - huizen nodig, en laatftelijk die geene welke het recht van fchouw of de revifie-fchouw over de voorfz. ftraaten hebben, doch zulks alleen wanneer zij deswegens fungeeren; — het zal aart niemand geoorloofd zijn van de zanddijken, leggende ter wederzijde van den ftraatweg, ter plaatfe alwaar dezelve door de akkers loopt, in te ploegen ofte bezaaijen, maar zal een ieder dezelve zanddijken moeten laaten op zijne volkomen breedte, zoo als die aangelegd zijn, op verbeurte van een boete van drie gulden , voor iedere contraventie, te verdeelen in drie deelen als voren, en zal daarenboven het gezaaide op de voorfz. zanddijken door den Aanneemer van het onderhoud van den ftraatweg aanftonds mogen worden afgemaaid en geremoveerd; .— zoo als ook een ieder zich zal moeten wachten van aan den ftraatweg, de fteene riooien, houte bruggen, metfelwerk, paaien, ijzerwerk, of aan iets van den ftraatweg dependeerende, eenig nadeel toe te brengen, het zij met hetzelve om ver of aan ftukken te rijden,' te ftooten of' anderzints, op pcene van de toegebragte fchade te moeten vergoeden; en ingeval zulks malitieufelijk mogt worden gedaan , of eenige fteenen of kantftukken van den ftraatweg wierden uitgegraaven

f Dee/- 0f

00 V.' Mieris groot Charterboek 2 d. bladz. 397. OO ibid. bladz. 402.

Y v%

Sluiten