is toegevoegd aan uw favorieten.

De Artz voor de minnaaressen der schoonheid.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< III )

VIJFDE H O O F D-Ü E E L

J^j[et oog is hetfijnfte en noodzaakelijkftevan alle gewaarwordende zintuigen. En des te meet moeten de oogen in de befchrijving der fchoonheid ih acht genoomen worden; hoe meer zij tot de volmaaktheid derzelven bijbrengen. Leevendige en tintelende oogen, trekken de blikken van anderen het allereerst tot zig,en zijnd© bekoorlijkfte voorwerpen der befchouwing; een, kenner kan de toefland der ziel in dezelve op het duidelijkfte hezen; kenners der liefde, zien het vuur der liefde in dezelve branden, en weeten den graad der hette van het zelve te bepialen. De oogen verraaden de dolkoene woe» de der toornigen, zij toonen de treurige, neerneetflacbtige fwaatmoedigheid in het gemoed der zwartgalligen; toomlooze fnoodbeid, mannelijke ftoutheid, tedere gevoeligheid, fmacb» teade verlangen dei ziel zijn *U dezslve zeel

Fan de Oogen.

dui-