Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JÜPITER EN DE SCHILDPAD. 13

Elk was 'er nu... de traage Schildpad flechts ontbrak. Men wachtte . <. denk hoe elk van haare plompheid (prak ! Zij kwam in 't einde ... (maar günsch langzaam) aangekroopen.

't Bleek klaar dat zij de reis met weerzin deê, Jupyn werd om haar talmen zeer te onvree. „ Ons noodigen naar 't fchijnt, Vriendin! moet u verdrieten.

„ Wat eer dat we in het einde uw bijzijn nog genieten!"

Hij wachtte hier op een heel nedrig compliment;

Maar zulke grillen zijn een Schildpad onbekend. Haar antwoord klonk vrij bars: . .. „ Behoudens uw bshaagen,

„ Oost, West, t'huis best. Jupyn! dit is mijn woord."

„ Heel wel! fprak Jupiter, verfioord, „ Heel wel! gij zult uw wooning eeuwig draagen." Het woord eens Gods heeft grootc krach;, 't Huis wies haar om het lijf... de moeielijke dragi. Strekt heden nog een plaag voor al haar nageflacHt.

Sluiten