is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerredenen, over het leven van David.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2 Samuels XIII. vs. i—39. 439

verre van ons zij ! dat wij niemand ftijvcn jn eenen verkeerden handel, noch onderrechten, hoe veiligst booze ontwerpen uittevoeren ; opdat wij anderen niet ongelukkig, en onszelven hoogst fchuldig maaken ! En vooral, dat toch niemand, in zaaken van Godsdienst, en eeuwig zielsbelang, door dwaazen of verderflijken raad zijnen evenmensen misleide ! dus toch , zou men zich fchuldig maaken aan hun bloed — aan hunne ziel ! Hier past het ons, met Samuel te zeggen: Ik zal u den goeden en rechten weg leeren (p).

2. In het voorbeeld van Amnon , en in deeze zijne zonde, zien wij — ten derden' — „ Den aart, het beleid, en de uitkoomst' „ van allerlei zondaaren en zonden". —■ Amnon had het op deeze zonde gezet. Met vermaak hoort hij den loozen raad van zijnen geliefkoosden vriend. Met een onuitdrukkelijk genoegen , ftelt hij dien raad te werk. Dat hij er zoo wel in flaagt, brengt hem in verrukking. En — 't geen de groote zaak was •—• hij brengt zijn opzet ter uitvoer. Nu is het wel ! — Maar ziet! nu fteekt hem de walg ! en uit hoe veele oorzaaken ! Nu iszijn geweten zijne pijnbank! — zijn beroerde vader , zijn fchrik ! — zijne broeders , zijn angstige kommer! -— zijn huis, zijne gevangenis! — en God hem een verteerend vuur!

Zondaar!

(p) 1 Samuels XII: 23.

E e 4

Jok zien wij bier, ien aart r / de uit' loomst van zondaaren en zonden.