is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerredenen, over het leven van David.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

io2 LIX. LEERREDE.

fflaar op bil raidt, ten magtig leger op d bten te Arenge».

aantreffende, hem niet in handen kreeg; maar* dat hij zich in een hol of fpelonk , zijn eigen] volk onbekend, zou verfteeken. EindelijkI teekent hij het zorgelijke van zulk eene on- j derneeming, voor Abfaloms belang. Het ftaat 1 te gebeuren , zegt hij, dat bij den aanvang! van het gevecht, eenigen van die twaalf-1 duizend zullen fneuvelen. En wat dan ? Dit zal — gelijk het veelal gaat ■— zeer ver-J groot , en ras verfpreid worden. Hier doorl zal dit legertje met verbaasdheid geflaagenl worden , en den dapperften man, wiens hart 1 is als een leeuwen hart, zal de moed onc-1 zinken, zulks dat hij ijllings op de vlugt zal ] gaan. En geen meerder of verfche manfehap | bij de hand zijnde , om de wijkenden in orde ] te houden , en krachtdaadig te onderfteunen, ] zal in korten tijd die twaalfduizend man zich I zoo verftrooien , dat er naauwlijks twaalf bij elkander zullen blijven. — En wat dan? —> Dan is 't gedaan!

O p zulk eene inleiding, laat Hufai zijn ge-.. voelen , zijnen raad volgen. — Zeer ftaate-; lijk zegt hij : Maar ik raade — Wel , wat raadt gij , Hufai? — dat in aller haast — Dit klinkt wel; en hier in ftemt gij met Achitofel overeen. Getalm, is hier wis verlies. En Kunt gij zoo doen haasten , dat men zelfs geen' tijd neemt, om uwe voorftellingen rijp(ijk te overweegen ; dan hebt gij 't zeker al verre gcbiagt. — Maar nu , in aller haast —

Wat $