Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

plaatze van hem met veele zedelesfen te plaagen, poog" de hy hem maar eene regel wel in te prenten, te weeten deeze; wees weldaadig, dan zult gy gelukkig zyn. Deeze regel predikte hy hem alle dagen, en by alle gelegenheden, voor.

Zoo dikwyls Ibar met zynen kleinen kweekling na de Stad waren, en hunne vruchten en korfjes verkocht hadden, deelden zy altoos een gedeelte van het geld, het welk zy ontfangen hadden, aan de armen uit, en door dit voorbeeld werdt de regel van Ibar diep in zyn hart geprent. Ja Iben vondt zulk een vermaak in deezen weg om gelukkig te worden , dat hy alle dagen meer werks wilde doen, om daar door hoe langs hoe meer aan de armen en noodlydenden te kunnen mededeelen.

Toen Ibar verzekerd was, dat zyne Regel genoegzaame wortelen in hec hart van Iben gefchooten hadt, befloot hy, hem aan zyn eigen beduur over te geeven. Myn Zoon •— zeide hy tot hem by aldien de Voorzienigheid u heden meer rykdommen fchonk, dan wy tot hier toe mee onzen arbeid hebben kunnen winnen, hoedanig een gebruik zoude gy daar van wel maaken? Iben bedacht zich niec lange, maarancwoorde: ik zoude 'er myne ongelukkige broederen mede helpen, maar — hernam Jbar — zoude gy 'er niet ook een goed gedeelte van tot uw eïge vermaak belteeden ? Neen antwoorde Iben wanc wat' voor vermaak kan ik meer geniecen, dan, dac ik gezond ben, en tot de ongelukkigen kan zeggen: Veegt uwe traanen af, en zyt gelukkig! — Ik ben voldaan, myn

zoon zeide Ibar morgen, zoo ras de zon op

de toppen der bergen fchynt, zal ik u het middel aan wyzen, om dit rein genoegen, na hec welk uwe ziele zoo dorsc, vol op ce fmaaken.

Den volgende morgen, toen de zon pas opgegaan

was,

Sluiten