Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 23 )

breidt eene zeer prijfelijke uitvinding

van de menfchelijke vlijt , om de handen eene ligte beweging te geven , die ook voor kinderen niet te zwaar is, en waar door zij tevens al fpeelende iets nuttigs verrigten.

De zwakke draad , die eerst nog op een kluwen gewonden was , wordt nu op verfcheidenerlei wijzen in mali.ander gedagen , en volgt in zijn Weefzel-de gedaante van den voet na, dien hij bekleden zal.

Zo weet de viijt en de konst der men. fchen zich alles ten nutte te maaken. — De Wolle, die nog niet lang geleden het Lam bedekte, moet thans, geverwt en digt in een geweven , den Mensch ;tot een veel gefchikter bekleedfel dienen dan het Lam, waarvan zij is voortgefproten.

De vast gefmeede Jhuid der dieren, die de mensch gedood heeft, moet zijnen voet bekleden, en in het gaan zijne voetzooien voor den kwetzenden doom en het brandende zand befchermen.

Ook dezelfde Wolle die den mensch kleedt, bedekt, als zij tot een vasten B 4. vilt

Sluiten