is toegevoegd aan uw favorieten.

Verklaring van psalm LXIII. In negen leerredenen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

:pS VYFDE LEERREDE

re met hem groot te maken; ö ja! de begenadigde ziele ziet dan zo veel heerlykheid in God, dat zy wenscht^dat anderen met naar hem grootheid mogen geven, en zynen lóf vermelden ; het is dan de opwekkende taal, maakt den Heere met my groot, ende laat ons te famen zynen naam verhogen. Pf. xxxiv: 4.

/3. Dan , niet alleen met woorden des monds, maar ook met gezang zoude David den Heere pryzen, waartoe de lippen ook dienftig en gefchikt zyn, hiervan was hy een groot liefhebber, en had zonderlinge bekwaamheid, om gedichten te maken, en te zingen, waarom hy genaamd wordt de Uefiyke in Pfalmen en lofzangen Ifraëls , 2 Sam. xxm: i. waarvan blyked zyn zo vele liederen en Pfalmen in dit boek befchreven; zulke zangftukken opteftellen, of van anderen opgefteld, te zingen, was een zeer gebruiklyke gewoonte der godvruchtigen, zo onder" het Oude als Nieuwe Testament, byzonder na ontvangene weldaden ;dus zong Mozes ende kinderen Ifraëls den Heere een lied , na hunne verlosfinge uit de handen van Koning Pharaq Exod* xv: ï, Dit deed ook de Moedermaagd Maria Luc. 1: Simeon Luc. 11: en meer anderen. Onze David was ook veelmalen ge Woon Pfalmen en liederen opteftellen, en die tot ere van God, ter dankzegginge voor ontvangene weldaden, optezingcn, en te laten opzingen, het zy doer zyn hofgezin , of het zy door de zangers in Gods Hniigdom , gelyk dexvm. P/af/w gedicht is, wanneer God hem gered had uit dé handen SquMi en ailer zyner vyanden Alzo beloofde hy nu ook hier, dat hy God zynen groten weldoender ° zou-