Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de algemeene zaligheid des

befchouwen; daar hij tog zelve toeftaat, dat zij baarblijkelijk meer maaien voor de rampzaligheid en helfche folteringen genomen worden. . Dan alleen het door hem opgevatte denkbeeld, dat het niet mogelijk zij, dat de mensch voor eeuwig zou kunnen rampzalig zijn, heeft hem zo verre weg gefleept. En naar dit vooroordeel poogt hij de Heilige Schrift op de een of andere wijze te plooien , zo als dit flegts op het gevoeglijkst gefchicden kan.

Dan, dat wij nu tot het aanvoeren van bewijzen overgaan', ten einde daar door te betoogen, dat de vernietiging geenzins de vloek der wet, of de ftraffe door de wet, op de zonde bedreigd, wezen kan.

De leere, dat de vernietiging de vloek der wet zij, kan in twee verfchillende zinnen beweerd worden : dan, deze beiden druifchen even zeer tegen de waarheid aan. Wel is waar, dat veeïen van gevoelen zijn, dat de vernietiging de ftraffe wezen zou, welke door de wet op de zonde bedreigd werd, en daadelijk door hun, die onbekeerd fterven, moest worden

ondergaan. Dan, daar tegen gelooven weder

anderen, dat, alhoewel de vernietiging aan niemand zal te bcurte vallen; zij egter de oorfprongelijke vloek zij, welke in de wet tegen de zonde was uitgefproken; doch dat Christus volftrekt alle zondaaren van dezen vloek verlost heeft, en die derhalven door geenen eenigen zal geleden woiden.

I. He;

Sluiten