Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

&o<> De Leer der Erfzonde Ï.Boek.

3. De invloed van kwaade Voorbeelden, zonder het bederf der natuur , kan geene genoegzaame oorzaak zijn, dat Kinders, in het algemeen, aanftonds zondigen, zoodraa zij er bekwaam toe zijn; het welk eene zaak is, die, zoo ik denke, uit den Bijbel ten klaarften bewcezen is. Vooral kan zulks geen plaats hebben , in kinderen van zeer godvreezcnde Ouderen ; want de eerfte voorbeelden die zich aan hun gezicht opdoen, zijn niet kwaad, maar zeer goed. En dit was , zoo als we reeds aanmerkten, het geval van veele Kinderen, in Christen Huisgezinnen, in de dagen der Apostelen; cocn nogrhans de Apostel Joannes ftelde , dat elk mensen , niemand uitgezonderd , aan zonden fehuldig ftoi d , waar van hij zich bekeeren, cn die hij vuor God belijden moest.

4. Wat de Heidenfche Weereld betreft; ook ten haaren opzichte, kan de invloed der kwaade Voorbeelden, zelfs met verkeerd onderwijs gepaard* geenen genoegzaamen grond of oorzaak zijn van het algemeen en fchroomiijk bederf deizeden , zonder eene bedorven natuur, en inwendige flandvastige neiging tot het kwaad. Waarom zou ijder nieuw geflacht dat onder hen opftond , zich niet hebben kunnen redden , of herftellcn uit de afgoderij cn boosheid hunner voorzaatcn? Het kwaade voorbeeld derzelven, had immers geen vermogen om hen tot de zonde te verpligten, anders dan bij wijze van fterke verzoeking. En „ te fteljen , dat '5 menfehen

„ ver-

Sluiten