is toegevoegd aan uw favorieten.

Verklaring van Paulus brief aan de Philippensen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vergel. met HEBR: VI vs. 4-6. ioi

allcrvcrfchrikljjkfte en onherhelbare zonde. Ziet dan toch toe, dat niet in iemand van u en zij zulk een boos en ongelovig harte, om moedwillig aftcwijken van den levendigen God. Dat niet iemand van u den Zone Gods vertrede , het bloed des eewjgen Testamcnts onrein agte, en den Geest der genade fmaadheid aandoe!

Zegt iemand : Helaas! dit is ten naastenbij mijn geval. Ik heb de gelegenheden ter oefening in de Leere der Zaligheid verwaarloosd; ik heb de beginfelen van kennis en overtuiging, welke ik nog had, verlooren, verzondigd; ik ben vervallen tot ongeloof, fpotternije, onteering van den Godsdienst, enz. — Uw toehand is gewis hoogstgevaarlijk; maar nog niet onherftelbaar : ja ik kan misfehien meer zeggen: Laat ik u vragen, hoedanig beziet en beoordeelt gij dit uw wangedrag ? Befchouwt ge dat met welgevallen, met goedkeuring ? wilt gij daar in onbezorgd en goedsmoeds volharden ? of veroordeelt gij het zelve, keurt gij het af, befchouwt gij het als onbetamelijk, dwaas, cn rampzalig? Gevoelt gij eenigen wensch en begeerte dat het anders ware ? Zoud gij u waarlijk gelukkig rekenen, offchoon gij de hope welligt afgefneden agt, als gij van dit rampzalig wanbehaan bekeerd, en uit dat verfchriklijk verderf, dat gij tot uwe vcrwagting helt, verlost wierd? Hebben deze laatstgenoemde dingen bij u plaats; dan mag ik zeggen, dat gij op het prangt van beweging zijt om naer G 3 den