is toegevoegd aan uw favorieten.

De grondlegging der christen kerk, benevens haare gesteldheid en lotgevallen geduurende de eerste eeuw.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV.hoofdst. der christen kerk ioi

men, en ons onverhoeds te werk ftellen, eer

wij tijd gehad hebben om ons te bedenken

nevens verfcheiden andere dingen van gelijken aart; en men zal zich niet behoeven te verwonderen, dat er altijd iets verkeerd is, in de beste en gelukkigfte poogingen, die ter bevoordering van Gods eer, en het heil van onftervelijke zielen, worden aangewend(p). En men heeft wijders optemerken, dat er eenige enkele perfoonen gevonden zullen worden, die, hoewel fchijnbaar beezig in het zelfde goed werk, en voor een' tijd eenen grooten ijver vertoonende , een ondeugend hart , en gansch verkeerde oogmerken hadden ; en wanneer ten laatften het waar karakter derzulken openbaar wordt, dan weet de weereld veeltijds geen behoorlijk onderfcheid te maaken , en legt de gebreken van eenige weinigen, ten laste van de geheele maatfchappij; gelijk zij, in het eerlle geval , niet zelden het karakter van een waarlijk oprecht en godvreezend mensch bekladt, om eenige onvermijdelijke misllagen , die hij zelf

hart-

(p) Een laauwe omzichtige geest, kan ligtltjk vermijden, en vaardig berispen, de misllagen en gebreken van hun , die, aangevuurd door eenen edelen gloed van liefde tot Gods eer, en tot het welzijn van zielen, zich fomtijds buiten de ilrikte grenzen der bedachtzaamheid vervoeren lieten. Dan fchoon het beste oogmerk niet goed kan maaken het geen in zichzelven kwaad is , verdienen nogthans de ijver, de vlijt, en belanglooze poogingen van zulke menfehen onze hooge achting.