Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 14° )

„ gerigte Gods vrij zouden gefprooken worden. Ja zij* „ gezegende lichaam aan het kruit laatcn nagelen, op „ dat Hij het bandfcbrift onzer zonden daar aan zoude „ begten: Ende heeft alzoo de vervloeking van ons op ,, zich gelaaden, op dat Hij ons met zijne zegeningt ,, vervullen zoude. Ende heeft Hem vernederd tot de „ allerdiepfte veifmaadheid ende angst der bellen, met

lijf en ziele, aan het hout des kruifes, toen Hij riep „, met luider ftemmc: Mijn God, mijn God, waarom „ bebt gij mij verhaten? op dat wij tot God zouden ,, genomen, ende nimmermeer van Hem verhaten wor„ den. Ende eindelijk, met zijnen dood en bloedftor,, tiuge, dat Nieuwe en eeuwige Teftament, het Ver„ bond der genade en der verzoeninge beflooten, als ,, Hij zeidc ,<Het 'is vallragt."

Dit 01 ii Nagtmaals reeds in het jaar

1568, d . tt - 'Jtbés te Wefel, tot algemeen gebruik van onze Kerke ïi.^-.oerd zijnde," blijkt hieruit, boe algemeen de GereJoi ueerden ook van dien tijd in een gevoelen ftonden-, dat men zulke bijzondere geloofsaanmerkiiigen over elke bijzonderheid van Jefus liorgljjden behoort te rnnaken, als in djt Formulier uitgedrukt worden.

- - . S- ?7f ,

Trouwens hunne voorgangers en leermeesters , dia onze eerfte Reformateurs waren, geloofden en leerden dit insgelijks; en wel als iets, 'het welk zij, zoo wel als wij, voor Schriftuurlijk hielden.

Dit ziet men ook uit de Predikatiën van Ma et. Luthkr over het Lijden van Christus, uit welker eerfte tk reeds te vooren iets opgaf (/>), en waar van ik nu' «•■•'- ' dit-

. O) Hoofdft. II. §. 4. pf bladz. 28, 20.

Sluiten