is toegevoegd aan je favorieten.

De vrolyke zanggodinnen, of Mengelwerk van vernuft

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

FABELEN EN VERTELZELS.

*39

DE BYGELOOVIGE VROUW, EN SNAAKSCHR DOC TOR.

Een Vrouw, wier man in 't ziekbed lag,

Ging, met het krieken van den dag, Naar een' ervaren Arts om hulp en raad te vragen.

Zy gaf den Doctor 't Urinaal, Waarin zy 't water van haar' man had meegedragen,

En fprak : myn Heer, zie daar wat kwaal

De ziekte van myn' Jan moog' wezen, En geef me een drankje, dat hem fpoedig kan genezen»

De Doctor ziet het water pas, Of giet het fchielyk uit in 't een of ander potje. Hy kiest een hoekje, of gaat ligt agter een befchotje,

En watert zelf in 't leege glas. Toen vroeg hy aan de Vrouw hem kort en goed te ontdekken

Of niet haar man een handwerk deed, En welk beroep hy had : het Vrouwtje was gereed, Hoe weinig ze ook begreep waartoe die vraagmogt ftrekken» Te zeggen dat haar Jan, als hy gezondheid had, Zes dagen in de week op zynen drieftal zat,

En fchoenen maakte voor de menfchen. Wel nu, fprak toen de Heer, wiens raad zy had gevraagd, *t Is noodig dat gy 't glas met water huiswaards draagt. En 't aan uw' Jan laat zien. 'k Voldoe aan uwe wenfchen, Ik zeg u daadlyk waar 't hem fchort, En zorg ook dat hy beter word',

Wan.