is toegevoegd aan je favorieten.

Nieuwe algemeene vaderlandsche letter-oefeningen, waar in de boeken en schriften, die dagelyks [...] uitkomen, oordeelkundig [...] verhandeld worden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

REIZE. S31

middagtyd tot het graazen niet genoegzaam, ook wegens de fterke hitte niet bekwaam daartoe. Daarenboven had ik menigmaal het verdriet, dat de Voerman van myn Osfefpan, die het vee op de weide had behooren te hoeden, bv dat werk in flaap viel. Hierdoor verboren wy telkens Jet alleen verfcheiden uuren, maar wy waren ook fomtvds geheele dagen bezorgd, hoe wy onze Osfen zouden wedervinden, en moesten niet zelden te paard en te voet bergen en dalen doorkruisfen om ze weder op te zoeken3 Geduurende myn verblyf by het bad werd

mvn rvpaard, benevens anderen, die daar by waren, eens des iwchts voor eenen Avondwolf zo verfchnkt, nat zy de bosfchen, aan welken zy vast gebonden waren, met de wortels uit den grond fcheurden, en de vlucht namen, maaT eerst den volgenden avond, hoewel onbefchadigd, weder gevonden wierden. Veelligt hadden zy zich door loopen gered, of waren eindelyk moedig genoeg geweest, om aan het fteile afhangen van een berg, die een naai.w

dal infloot, halte te maaken. Het kan ook zyn ,

dat de Hvaena, gelyk onze gemeene wollen, flegts ih £ open veld ftout is, want van deeze laatlteii zegt mpn dat zv uit vreeze voor hinderlaage en van beloerd tc zullen worden, den geenen, die zyn toevlugt tot een woud neemt, niet vervolgen. Het gevaar, van myn paart , tl verliezen, bewoog my intusfchen om tegen eenen zo verdrietelyken en waakfaamen vyand alle mogelyke voorwichtigheid te gebruiken. Ik was ook zo gelukkig dat ik oo mvn geheele reize door zyne groote arglistigheid en

waaSicht niets verloor. De Hottentotten zeiven

hadden my beleden dat fommigen onder hen het zich nog erinneren konden, hoe dit dier zo driest was geweest om ftil in hunne hutten te fluipen, en zelfs hunne Hnder'en weg te fleepen. Doch tegenwoordig gebeurt zu ks niet meer. Het fchietgeweer khynt thans deeze en andere gevaarlyke roofdieren geleerd te hebben, om voor de menfehen te vreezen.

De volgende gefchiedenis van eenen Tygerwolf, die men mv uit eene befchryving van de Kaap de goede Hoop vertelde, valt my hier by in: zy is ten muitten zeer kortswvik; indien zy ook al zo gantsch geloofwaardig

S mogt' zyn. By gelegenheid eener vroolyke

nmltvd ^ niet verre van de Kaap, had men een Tromï èner die te veel drank gedronken hebbende, ftompdronlen was geworden, des nachts buiten de deur gelegd-,

op*