Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

354

J. HOEKSTRA

gefteldheid des Lands en Volks overeen dragen , hij zich i zeiven en zijne Mederegenten dan moet befchouwen alss Vertegenwoordigers des Volks, welker plicht het is, elkee In- en Opgezetene des Vaderlands , zoo wel de fchaamfee Gemeente hieronder gereekent , als de vermoogende eni

aanzienelijke, te befchouwen als Medebroeders: deze:

regel moet ingedrukt en levendig zijn in de harten vani alle Regenten, indien ze den naam van Rechtvaerdig zul-len verdienen, maar in 't bijzonder in de gemoederen vaat dezulken , wdke deze aanzienlijke en gewichtige betrek--

kingen bekleeden in een Vrij Getneenebest, als bijj

voorbeeld Nederland is. Zulk een Regent, die nat

dezen regel de Gerechtigheid zoekt te beoevenen, bevlij-. tigt zich lterk, om in 't gemeen de gefchiedenis der Vol--

ken. en in 'x hii/.onder zones Vaderlands_ nnnnnjkpurio- mi

kennen, ten einde door dit middel niet alleen de Rechten

en Voorrechten van hem eu zijne Medeburgeren te leeren,,

maar ook, om daar cioor, ais met een opilag van net oog,

te kunnen zien, wanneer daarop inbreuk gemaakt word.

Hij benaarftigt zich met zijne Medebroederen, om

het onrecht en de ingekroopene misbruiken te doen wijken, op dat derzelver plaatzen door Gerechtighaid vervangen worden. Zijn voorname doel en pogingen zijn,

om alle zulke regelen en plannen werkftellig te maaken, die gepast zijn , en dienen kunnen , om het Vaderland gelukkig te maaken: — en daarom zorgt hij 'er naauwkeurig voor , dat dat alles 'er gevonden en in bloei gehouden word , wat tot een welingerichten ftaat behoort.

• Onder anderen is het de hoofdzaak bij zulk een

Rechtvaerdig Regent, om de Godzaligheid en Deugd , door een voorbeeldigen en geloovigen levenswandel, in zijn eigen charafter te vertoonen, en om tevens te bewerken , dat dat alles aangewend word , door welke de Godvrucht algemeen bloeirijk eu beminlijk gemaakt word. —• Hierom verbind hij zich heilig , om eene Nationaale Gerechtigheid aan te kweeken , en fchildert het beminlijke

daarvan voor de oogen van zijne Medeburgeren. . Hij

haat het onrecht , en zijne oogen kunnen geene onderdrukking zien, zonder gevoelige zielsaandoeningen. ~

Het bezef van Gods Overalheid is fteeds bij hem levendig.

• Hij weet, dat hij van zijne verrichtingen eens re-

kenfehap zal moeten geeven, en dat een onderdrukt volk in den jongfleu aller dagen tegens hem zoude getuigen, indien hij zich aan zulk een fchennis mogt ichuldig gemaakt

Sluiten