Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

S20

ZEDËLYKE VERHAALEN.

„ Waarfchynlyk door veldflagen, door veroveringen, door ge„ vangen Koningen ; en door bedwongen Volkeren ?"

„ ó ! Gy hebt myn binnenfte doorkeken. ' Geer my raad ;

„ het vuur dat in my gloeit, verteert my.

„ Staa op!" zei de Grysaart, en ging diepzinnig met abu op den Heuvel heen en weder, tot dat het volkomen nacht was. Abu kon zich in het zwygen der Gedaante niet vinden; maar hy was van een zeker vertrouwen, en van eenen zekeren eerbied vervuld, welke hy noch nimmer voor iemand gevoeld had.

„ Plaats u!'' zei dc Grysaart toen men alle Harren zien kon ; cn abu plaatfte zich gehoorzaam naast hem op den Heuvel.

„ ik wil u raad geven, abu! Val my niet in ," voer de Grysaart voort, en hiel'zynen ftaf in dc hoogte. ,, De flar, die gy „ daar eenen halven duim ver van Sinus ontdekt, is zo ver van „ Sirius verwyderd, dat de draaien, die heden van de ftar uitgaan, „ niet tegenftaande zy in ééne minuut meer dan driemaal honderd „ en dertigduizend Samarkand fche mylcn doorloopen, des niet te „ min, eerst in agtduizend zonnejaaren in Sirius aankomen kua„ nen, /.o dat, wanneer dc ftar eens uitgedoofd wierd, men de„ zelve in Sirius eerst agtduizend jaaren daar na vermisfen zou." Abu ftond verfteld en zuchtte.

„ Deeze flar, die Haro heet," voer de Grysaart voort, „ is „ een zon om welke zich een en- vyt'tig Planeeten draaijen. On„ der deeze een cn- vyftig Planeeten is 'er eene, die Nar heet,

„ en agttien Maanen heeft. De Planeet Nar is ten haasten

„ by tienduizendmaal zo groot als deeze aardbol, en 'er worden „ op dezelve zo genaamde redelykc fchepfelen gevonden. Ze zyn „ flechts tagtig ellen hoog, hebben maar zestien zinnen, en leven „ alleen drie duizend jaaren ; in plaats dat dc bewooners der an„ dere Planeeten van deeze flar, voor een gedeelte, twee bon. „ derd ellen hoog zyn, tot by de vyftig zinnen hebben, en twin„ tig a dertig duizend jaaren leven. Des niettegenflaande gelo„ ven de arme Narriaanen , dat om hunnentwil dc waereld ge„ fchapen zy; en beweeren, dat de Zon, en de agttien Maanen „ en de vyftig Planeeten, en de duizend millioenen vaste Marren, „ welke zy met hunne, byna een kwartier uurs lange, verreky„ kers ontdekken kunnen, enkel gemaakt zyn, om hunne dagen „ cn hunne nachten te verlichten."

Abu zat, en vertrouwde zich naauwlyks toe adem te haaien.

„ Er worden op de Planeet Nar eenige duizend Volkeren gevon„ den. Ze zyn nog alle wild, maar eenigen van dezelve noemen „ zich _ befchaafd. Deeze befchaafdc Volkeren , die zich voor het ,, wigtigfte werk der fchepping houden, zyn eene zonderlinge

„ foort van wezens. Zy benoemen, by voorbeeld, op eenen

„ zekeren dag van 't jaar die geene, die eene bepaaldefommcvan „ bruine fleenen, welke in de Planeet Nar zeer zeldzaam zyn, „ betaalen, tot gepriviligecrde voorftanders der zestien zinnen,

ii niet

Sluiten