is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe algemeene vaderlandsche letter-oefeningen, waar in de boeken en schriften, die dagelyks [...] uitkomen, oordeelkundig [...] verhandeld worden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over de champignons. 383

verflookcn , uit een rottende gisting ontflaandè, en derhalven in een vogtigen of regenagtigen tyd voornaamlyk voortkomende, en btftaat m'eestentyds uit eene zagte en fponsagtige zelfflandigheid; zy, die de nauwkeurige navorfchingen van dille -ius kennen , en weeten met welk eene zorgvuldigheid hy zyne proeven deedt, moeten, worden zy, in een ander begrip Maande, niet aan 't wankelen gebragt, althans hun oordeel opfchorten.

Mabsigli , dc Schryver van cen Werk de Ocrierationé Fungprum, in 't Jaar 1714 gedrukt, is de laatfte dien ik zal aannaaien: zyn Werk is onwaardeerbaar, en zou my , als ik het gekend had, ccr ik myn arbeid aanving, veel moeite uitgewonnen hebben.

Maar de Mode ftrekt haare heerfchappy tot de Wee-» tenfehappen uit, en nuawlyks hadt men begonnen te veronderftellen dat de Planten eene Sexe hadden , of mert heeft de bellisfende uitfpraak gedaan, dat alle Plant uit een Zaad moet voortkomen. Jung was de eerlte, die , in den Jaare 1625 , op een tyd, toen men nog nauwlyks wist wat een Zaadkorrel was, dit gevoelen verdeedigde.

Wy weeten met geene volkomene zekerheid, welk een Schryver eerst beweerd heeft, dat de Champignons uit zaad hervoortkomen ; maar ik veronderftel dat het l'eclusü is. Boconne in 't Jaar 1668 , menzel in 1682, ert touknefort in 't Jaar 1707 , en eindelyk micheli in 't Jaar 1729 , hielden dit gevoelen ftaande, en de laatstgemclde gaf voor , de Zaaden gezien te hebben; gleditsch en haller traden, als Verdcedigers van micheli, tc voorfchyn. Maar de volgende Waarneeming vari den beroemden otto muller dunkt my itrydig met dit ftelzel. Mevrouw de Gravin van schulin hadt, in dert Zomer des Jaars 1766, een Allee laaten aanleggen over een diepte , en liet dezelve ophoogen met zand. Ia den voortyd des Jaars 1767, vondt men 'er geen Plant, en geen Champignon groeide in dien grond. Dus beftundf 'er "geen zaad, want het zou 'er door den wind gebragt weezen, en gegroeid hebben (*).

De

(*) Dit geval is niets minder dan beflisfend, en de n'anwketirigheid , welke men thans vordert van Schryvers, die van een algemeen aangenomen gevoelen afwyken , ontbreekt 'cr aan. Heeft myne waarneeming omtrent een Clavaria uit een Infect voortga komen, de aanmerkingen niet kunnen ontgaan, men zal dit b* wys althans niet aannecmen.

IV. deel. müngelw. no.p. Dd