Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 148 )

;men, zonder immer eenig bewys aan te voeren. Men behoort zich dus ook wel te wachten van eenig byzonder gevoelen van Kant, of van Reinhold te vermengen met de wezcnlykc grondbeginfelen van het fyftema; ik vrees dat men, door een tegcnovergeftcld gedrag, dezelfde onzekerheid zoude terug doen keren, uit welke wy nu gered zyn.

Kanfs gedachten, omtrend de veredeling van het mensehdom zyn vertroostend, en, voor my ten minfte, n:ct van waarfchynlykhcid ontbloot; doch verre van te geloven dat zy in eenig verband met dc Critifche wysgeerte Haan, beweer ik dat men zeer wel van dc waarheid van deze overtuigd kan zyn, en echter geene in twyffel trekken ; even als 'er veele lieden zyn , die het fyftema van Newton bewonderen, zonder, 't geen de goede man lang daarna over de Openbaringe gefchreven heeft,te-beaamen.

Hoezeer ik my dus verheugde de fchone redevoering van den Heer van Hemert, die ik met zo vee! genoegen gehoord had, te kunnen lezen, fpeet het my achter ze te moeten lezen in het Magazyn der Critifche ■wysgeerte ; waarin zy, om boven aangehaalde redenen, ten onregte eene plaats fcheen gevonden te hebben. Hoe minder men hier te lande nog met het fyftema bekend is, hoe bedenklyker deze plaatfing fchynen moet; en het is de meesten genoeg, dat zy iets in 't Magazyn der Critifche wysgeerte gevonden hebben , om te geloven dat het een wezenlyk beftanddeel van dezelve is, en tot de gronden zelve behoort. Voor de genen, die van deze ééns wel onderligt zyn, is hier geen gevaar; maar het Magazyn is aangelegd om zulken eerst te maken; en kan niet vooronderftellen dat zy 'er reeds zyn.'tGeen dus,in het tiende-of twaalfde ftukje, zonder eenige bedenking had kunnen geplaatst worden, meest niet in het derde*verich\nen. —

Het

Sluiten