Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

23 HENRIETTE van GRANDPRÉ.

Natuurgenooten ! oordeelt hoe bitter het lot eener Vrouw moet zijn, die zulk een wegwijkend getuigenis van haar leven moet geeven!

't Is zoo: de reine kalme ziel, welke deeze waereld als haaren proeftijd befehouwt , en wier wendingen geheel op hogeren toon geriemd zijn, kan, in zich zelve verloeren, aan de voeten van haaren Schepper onnadenkelijke voor de meefte men¬

fchen ongekende zaligheden fmaaken ; zij treedt, met den tred eens Seraphs, het voorportaal der vlckkelooze eeuwigheid, fehoon noch aan den klomp des ftofs

gekerkerd, in. Maar! — Kan men zulke

majeftueufe gelukkige oogeubiikkeu , die zeker

vaak het loon eens waaren Christens zijn, met het

lage der menschheid vermengen ? Is de mensch,

in die tijdpunten, mensch? Kan men hem als

een levend lid der fterflijkheid aanmerken, geduurende zulke verheven gewaarwordingen , waar in zijne

ziel zijne geheele denkkracht zijn geheel

gevoelvermogen , als in gefprek met den Eeuwigen treèdende, ziel: van de waereld losmaaken ?

Dus tel tk zulke oogenblikken niet a's tot ons lee-' ven behoo'-ende; fehoon ik gaarne wii toeftemmen, dat, in geval men immer van eenen zegen des levens, aan deeze zijde des doods, wil gewag maaken, het zeker in zulke gelouterde uuren van verhemeling bellooten is! -

De

Sluiten