is toegevoegd aan je favorieten.

Rechten van den mensch, of De aanval van den heer Burke op de Fransche omwenteling beantwoord.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I

93 RECHTEN V AN

en het onsterfelijk wezen, het welk eerendienst bewezen word. De verdraagzaamheid plaatst zig dienvolgens niet tusfehen mench en mensch; noch tusfehen kerk en kerk; noch tusfehen de benaaming van den eenen en den anderen Godsdienst, maar tusfehen God en den Mensch; tusfehen het wezen, dat eerendienst bewijst, en het wezen, aan het welk eerendienst bewezen word; en door dezelfde daad van aangemaatigd gezag, waar door hij den mensch toelaat zijnen eerendienst te verrichten, gerechtigt hij zig zeiven om op eene verwaande en godlasterlijke wijze den Almachtigen toetelaaten dien te ontvangen.

Bijaldien 'er eens in eenig parlement een Bill werd ingebragt, getyteld. „Eene ac„te om de Vrijheid toeteftaan, of te ver„ gunnen aan den Almachtigen, om den ee„ rendienst van eenen Jood of van eenen „ Turk te ontvangen," of „ om den Almach„ tigen te beletten dien te ontvangen;" zoo zouden alle menfchen hierover verbaast ftaan, en het een godslastering noemen. Daar zoude een oproer ontdaan. De verwaandheid der verdraagzaamheid in het ftuk van Goddienst zoude zig zelve dan ongemaskerd vertoonen; evenwel is de verwaandheid in de daad niet minder, om dat de naam van „ Mensch" alleen in deze wetten voorkomt, want het vereenigde denkbeeld van den aanbidder en den aangebedenen kan niet van een cefcheiden wordön. ——

Wie