is toegevoegd aan uw favorieten.

De recensent, of Bydragen tot de letterkundige geschiedenis van onzen tyd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I34 By dragen Ut bevordering van Waarheid en Godsvrucht,

„ dier voege overbrengt, dat aan de denkbeelden, welken zy „ vervatten, niets ontnoornen, niets toegevoegd, noch iets tot

derzelver nadeel in dezelve veranderd worde." — Wat verder de taalkennis betreft, welke in eenen gewettigden overzet, ter der fchriften van het Nieuwe Testament gevorderd wordt, merkt de fchryver zeer te regt aan, dat deeze niet flegts eene meer dan middelmaatige kennis van de Hebreeuwfche en Griekfche taaien, en vooral van den fchryfaart der lxx overzetters van het Oude Testament moet bezitten, maar daar en boven hoogstervaaren zyn in de verfchillende fchryfwyzen , welke in het Nieuwe Testament voor handen zyn, zoo wel als in de onderfcheidene wyze van denken en uitdrukken, die aan ieder van deszelfs fchryvers in het byzonder eigen is. Voorts eischt hy ook voornaamenlyk, dat de zodanige zyne eigene moedertaal, of die, in welke hy het goedvindt over te zetten, volkoomenlyk bezitte, en in flaat zy, om de verfchillende uitdrukkingen, in twee onderfcheidene taaien, tegen eikanderen op te weegen, en de welvoeglykfte voor zyne taal uit te kiezen , om den fchryver waarlyk zeiven te doen fpreeken. Dit alles befchouwt hy te regt als een zeer moeilyk werk, het welk zeer veel tyd en arbeid vordert; en de veronagtzaaming van welke kundigheden in ons oog niet weinig heeft toegebragt, om zo veele onechte vertaalingen, voornaamenlyk van het Oude Testament, aan het onkundig algemeen voor te houden. De fchryver befluit deeze zyne verhandeling met eenige zeer voegzaame aanmerkingen over de meest bekende regelen van overzetting, welke duidlyk doen zien, dat dezelve veelzins, niet flegts nadere bepaalingen en verklaaringen vereisfchen, maar daarenboven middagklaar aantoonen, wellc eene moeilyke taak hy op zig neemt, die 'er zig toe zet, om de gefchriften der openbaaring, en vooral die van het Nieuwe Tes. tament, op nieuw te gaan zitten vertaaien.

Hoe moeilyk ondertusfchen deeze taak ook mooge zyn, heeft nogthands de Nederlandfche waereld alle reden om te wenfchen, dat haare overzetting, in welke, onaangezien den geruimen tyd, welken men aan dezelve befteed heeft, nog zeer veele gebreken en misdagen te vinden zyn, door een genootfchap van geleerde, onzydige en waarheidlievende taalkenners op nieuw mogt worden nagezien en behoorlyk verbeterd.

De tweede verhandeling behelst eenige bedenkingen over de wedergeboorte en aanneeming tot kinderen. Offchoon 'er over deze en dergelyke onderwerpen dikwerf zeer zonderling geredenkaveld, en vry wat papier met onzinnige wartaal beklad ge. worden is, durven wy egter de leezing van dit flukje aan iederen bybelvriend gerustlyk aanraaden. In hetzelve toch is niets te vinden van die iedele fpitsvinnigheid of belachlyke dweepery: