Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het II E E L-A L. 31

omdat dezelve ons niet belet, om de maanvlakken altijd duidelijk te zien.

l'enus toont ook, door verrekijkers befchouwd, Btlijkè donkere vlakken, en voomaamlijk verhevenheden of bergen in groote'n getale. ' Aan deeze bergen heeft Venus, bij haaren famenftand met de Zon, haaren voortreflijken glans te danken. Haar dampkring is mede, bij de laatfte doorgangen van 1761 en 1769 , bemerkt geworden. — ia Mars vertoonen zich donkere plaatfen , welken dikwijls eene groote ruimte der oppervlakte van deezen Planeet inneemen, en van welken eenigen veranderlijk zijn. Ook om deezen Planeet is, door herschel, een dampkring ontdekt geworden. Buiten twijfel heeft Mars ééne of meerdere Maanen, tot zijne geleiders, offchoon onze tegenwoordige verrekijkers dezelve niet vertoonen, daar deeze Maanen, aan de grootte vr.ii haaren Hoofdplaneet geëvenredigd, en dien volgens, voor ons te klein zullen wezen, ook waarfchijniijk weinig licht terug werpen. — Jupiter, de grootfte Planeet, heeft, door verrekijkers befchouwd, veele en merkwaardige ftreepen , ook enkele vlakken op zijne oppervlakte, in welken zich dikwijls zeer duidelijke veranderingen vertoonen. Zijne vier Maanen zijn reeds door middelmaatige verrekijkers zichtbaar. — Op Saturnus is het, wegens zijnen grooten afftand, zeer moeilijk, vlakken duidelijk te zien. Door maatige verrekijkers , ziet men reeds zijnen werkwaardigen ring, dergeliiken geen ander Planeet heeft. Deeze ring geeft , door de Zon verlicht, B 4 eenen

Sluiten