Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

238 III. ANTW. op de VRAAG over de

deelen in hec algemeen , door te vertoonen , of ze mee de hoedaanigheid der ziekte overeenkomc, of daar van afwykc. Want zoo 'er niets vreemds, of ergers, in het ligchaam is, dan men door de gewoone teekenen en omdandigheden eener ziekte kan gewaar worden, dan volgt vry zeker, dat de pis zig vertoont overeenkomdig de werking van die ziekte. Zoo zal by voorbeeld, indien alles natuurlyk gaat, hec water in een heete koorts, zich zoo vertoonen als in het eerde Hoofdduk is aangetoond; maar vindt men hier verandering in, dan ' moet men om een oorzaak denken, 'c zy goed of kwaad; en dus heefc hippocrates aangemerkr, dac die pis besc is, wanneer 'er den geheelen tyd, wit en glad, en eenpaarig neerzetzel is , tot dat de ziekce gefcheiden worde; wanc hec geefc, zegt hy, veiligheid en korten duur van de ziekte te kennen, en hier wykt de pis wel af van die gefteldheid die wy hebben aangetoond, doch ten goeden, en deeze gefteldheid is maar eene mindere graad, van die welke wy aangetoond hebben , en was te verkiezen boven de andere; doch om dat deeze gunftige omftandigheden te zelden gevonden worden, zoo kan men ze niet tot een algemeen voorbeeld gebruiken , want zy geeft te kennen dat 'er maar zeer weinig afwyking van de gezondheid pkiats heeft, en die zetting is maar een vermeerdering van die, welke men in gezonden gewoon is in de pis te zien.

Men

Sluiten