is toegevoegd aan uw favorieten.

Reize rondom de waereld.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE WAERELD. [Aug. 1770] 223

gevonden wierd, was zelden meer dan tien voeten hoog met kleine gevinde bladeren, naar die van eene foort van varen gelijkende: hij droeg geene kool, maar was vol nooten omtrent van de grootte van eene groote kastanje, maar ronder: alzoo wij de doppen van deeze rondom de plaatfen, daar de Indiaanen hunne vuuren gemaakt hadden, verfpreid zagen liggen, namen wij voor zeeker aan dat zij goed waren om te eeten; zij egter, die 'er de proef van namen, leerden ten hunne kosten het tegendeel, want zij deeden de uitwerking van een hevig braak- en buikzuiverend middel. Wij twijfelden egter nog niet of zij wierden door de Indiaanen gegeeten, en denkende dat het geitel van de varkens zoo Itcrk zou zijn als het hun, fchoon het onze zoo veel zwakker bevonden was, bragten wij die naar het fchot; de varkens aten die ook indedaad op en, zoo wij enigen tijd meenden, zonder ongemak te gevoelen; maar in omtrent eene week wierden zij zoo on gefield dat twee derzelve flierven en de overige herftelden met zeer veel moeijelijkheid. Het is egter waarfchijnlijk dat de vergiftige eigenfchap van deeze nooten in het fap ligge, gelijk die van de casfava of maniok uit de West-Indieën en dat het vleesch, gedroogd zijnde, niet alleen gezond, maar voedzaam zij. Behalven deeze foorten van palmboomen en manglesboomen, waren 'er verfcheiden kleine boomen en heefters, in Europa