Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2 LEVEN, BEDfclJVEN EN GEVOELENS

gewoonte dier tijden van de kinderen naar den naam van hunnen Doopdag te noemen, om die reden ook Marlen Luther genoemd. In zijne vroegfte jeugd vertrokken de Vader met de zijnen naar Mansfeld, om bij de toenmaals aldaar zeer beroemde bergwerken zijn beftaan te vinden. Zijne braafheid en deugd wierden aldaar zeer geacht, waarvan hij onder anderen ook dit bewijs gaf, dat hij zijne voornaamfte zorge over zijnen Zoon uitftrekte. Hij was dus niet flechts een goed man, maar ook, 't welk veelen vergeeten te zijn, een goede Vader. Om geenen tijd te verzuimen, om hem tot het goede optcleiden droeg hij hem zelf, teMansfeld, op den arm naar de fchool, en beval hem aan den ichoolmeester zeer nadruklijk aan, die zich dan ook ftraf genoeg jegens hem gedroeg, zóó dat Luther zelf eens bekence, dat hij vijftien maal, achter malkanderen, dapper afgerost was. In het veertiende jaar zond hem zijn Vader naar Maagdenburg, maar dewijl hij aldaar geene onderfteuning vond, in het volgende jaar, naar Eifenach. Hij ging aldaar in de Currende (*), en moest, met andere arme fcholieren, zijn brood

door

(*) In veele oorden van Duitsckland lieeft da gewoonte plaats, dat de arme fcholieren, die anders geene middelen van beftaan hebben, met zingen voor de huizen der aanzienlijken, waar voor zij zich op ftraat ftaande, in eene halve maan fcbaren, 's wekelijks eenige keeren, hunnen onderhoud zoeken. Zij ontfangen dan of geld, of brood, of andere mondbehoeften. Een zodanig zingend Choor, wordt de Currende genoemd.

Sluiten