Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

148 VERTELLINGEN

„ Maar hier begon mijn wrcedfte leed;

Want daar ik 't oudile kind Teerhartig voor de lucht bedckk',

En in mijn' fluier wind';

„ Verrast me een grimmige beerin, Die mij mijn jongfte rooft

De liefde zet mij wieken bij;

De fchrik verrukt mij 't hoofd. ——

„ Ik vlieg den roover achter na, Maar fpil mijn laatfte kracht,

En ftorte onmachtig, roerloos, neêr, Waar ik den dood verwacht. —

„ Mijn ramp was echter niet voleind;

Ik vind den adem weêr, En zoek mijn kinders wijd en zijd,

Maar vind ze nergens meer.

,, En daar ik, jammrende om mijn kroost,

Het bosch ten einde dwaal, Ontmoet ik dezen feilen reus,

En word zijn zegepraal. ——

„ Maar

Sluiten