Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

N°i CLVIII.

G É L IJ K II É I D„ V R IJ H E I D, BROEDERSCHAP.

PUBLICATIE van het uitvo»;

rend bewind der bataaf"!

sche republiek , behslzsndc Maatregelen, ter beteugeling van de, tot den dienst des Vaderlands opgeroepen en Onwillige Leden der Gewapende burgermagt; ViedrreJIeerd den 8. Januarij 1800. Het zesde Jaar der Bataaffchc Vrijheid.

H et oitvokïünd bewind be* bataaf'

sche republiek, doet re weeten:

Dat hec Vertegenwoordigend Lighaatn , op de wijze, bij de Staatsregeling voorgefchreeven, overwoogea hebbende:

Dat dezulken j welke .zich in tijd van gevaar, aan den dienst, welken het Vaderland van hun vordert, op eene willekeurige wijze onttrekken, boven de verachting van alle weidenkenden, de ftrenge beteuge* ling der Wet verdienen.

Dat overijling en de misftap van een oogenblik,' echter van opzettelijk pligtverzuim behooren te wor» den onderfcheiden, en aan de eerden , vooral in aanmerking van de omftandigheden, in welken zich ibmmigen kunnen hebben bevonden, de gelegenheid behoort te worden gelaaten, om niet nutteloos voor hun Vaderland te worden gemaakt, en om, voor zoo ver zij nog niet mogten zijn achterhaald en gecorrigeerd of geftraft, hnnne fchande na eene voorafgaande maatige Correftie, door een volgend loffelijk gedrag gekeel uirtewisfehen.

Dat de adüve Militaire dienst, tot welken een ge-

Sluiten