Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

N°. 180.

GELIJKHEID, VRIJHEID» BROEDERSCHAP.

EXTRACT uit de Refolutiên van het Coromitté tot de algemeene zaaken van het Bondgenoodfchap te Lande. Donderdag den i. September 1796. Het tweede Jaar der Bataaffche Vrijheid.

Op voordragt van het Departement Militair, is na deliberatie goedgevonden en verftaan, dat, ingevolge het Plan van Örganifatie, aan alle Onder - Officiers, Tambour - Majors, Corporaals, Tambours en Gemeemen, welke den Lande 18. jaaren gediend hebben, een distinétief Eereteeken zal gegeeven worden; beftaande in een rond ftukje ligtblaauw Laken, ter grootte van een Drie - gulden, op hetwelk met Zilver geborduurd zal zijn, een Sabel; welk Eereteeken aan gedachre Manfchappen zal overhandigd worden , voor het front van dc gewoone Wacht - Parade, door den commandeerenden Officier van her Bataillon, Regiment of Corps, waarbij dezelve is dienende, met bij*oegins, dat aan hem ter belooning voor zijne trouwe dienften vergund wordt, om voornoemde Eereteeken te mogen diaagen op de Rok. voor de linker borst; zijnde echter te' 'beöordeeling en veranrwoording van den commandeerenden Officier van het Bataillon, Regiment of Corps overgelaaten, en ten fterkften aanbevolen, om voorfz. Eereteeken niet anders te geeven dan aan die Manfchappen, welke door hun goed gedrag zich zulks zullen waardig gemaakt hebben ; en wordt hij commandeerende Officier gelast, om de naamen der Manichappen, die (olfchuon 18. jaaren gediend nebben") door hun wangedrag of liederlijke conduite, het

voorn.

!

Sluiten