Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«40Verklaaring over

meer dan dat van andere , en bijzonder fchijnen te drukken.

h De eerfte tegenwerping kan ontleend worden! uit het 27. vers. Want gelyk de blikfem uyigaet van het Oosten, ende fchynt tot het Westen, alfa fal oock de toekomfte des Soons des menfchen we. fen. Deze woorden moeten volgends het richt-» moer, dat wij van het verband opgegeeven hebben , gebracht worden tot de lotgevallen van het Joodsch Gemeenebest. Doch van veele wordt ons tegengeworpen, (1.) dat de Toekomst van Christus in het Nieuwe Testament altijd beteekent deszelfs komst tot het laatfte Oordeel i Ca.) dat ook de befchrijving die hier van deze Toekomfte gegeeven wordt, beter past op deszelfs komst ten jongften dage, dan op zijne komst ten oordeele over het Joodfche Volk. Dan, wat her eerfte lid van deze tegenwerping betreft, deze vervalt geheel en al, wanneer wij acht geeven op het geen wij in onze eerfte aanmerking betoogd hebben : gelijk blijkt uit het geen wij daar over deze Toekomst, en deszelfs verfcheidene trappen gezegd hebben, ja zelfs, beteekent hier de Toekomst van Christus noodzaaklijk, des* zelfs komst ten oordeele over de Jooden. Want wij hebben aangetoond, dat de Discipelen in hunne vraag de Verwoesting van Jerufalem daar

me-

Sluiten