Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Geld-

MtDDB*

516 Tegenwoordige Staat

kelykfle onder het oog te brengen de deplorabele gevolgen, welke Uit eene aanhoudende weigering van onzen billyken eisch noodzaakelyk zouden voortvloeyen, waar in met grooten nadruk wordt aangeweezen, hoe ellendig het met Friesland gefteld zou zyn, indien die Provincie, op zulk eene hooge Quota aangeflagen blyvende, eens wierd verarmd door eene doorgaande Runderpest, zwaare Inundatien enz. en vooral indien eens een onverwacht opkomende Oorlog van het uitgeputte Friesland zwaare Negotiatien tot fpoedige wervingen enz. vorderde.

Ondertusfchen had ook deeze Deduktie al weder de gewenschte gevolgen niet; 'er werd wel eene Kommisfie uit Friesland naar 'sHaage gezonden, en by de Staaten Generaal en Raad van Staaten gehoord; men ontkende zelfs ook niet dat Friesland billyk verligting fcheen te vorderen; doch de zaak ten Principaale bleef fteeken tot den 11 October 1783, wanneer de Staaten van Friesland eene fterke Refolutie namen, om voortaan niet meer dan ƒ 8 • 13- 2$ penning ten honderd in de Quota te betaalen, tot dat men hunne zaak overwoog, en een fpoedig antwoord op de Deduktie door de Bondgenooten wierd gegeeven. Hoedanig eene uitwerking deeze fterke Hap op de gemoederen gehad hebbe, behoeven wy hier niet te melden. Zeker is 't, dat dezelve veel verwondering heeft gebaard, en dat de Friezen waarlyk hebben gehandeld, zo als zv gedreigd hadden. Ondertusfchen is het te wenfchen, dat 'er inderdaad eenmaal eene billyke en egaale fchikking

Sluiten