is toegevoegd aan uw favorieten.

Gedachten van Jacobus Hinlópen, predikant te Utrecht, over eenige plaatzen en zaken, in de Heilige Schriften voorkomende

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

?0 DE VERANDERING VAN ISRACLS RE GEK ING,

ouds. voorfreld: dat koningen uit Sara zouden voordkomen; (V) ook had Mofes wel toegelaten, dat zy, gelyk de volken, die rondom hen waren, een koning over zich Helden, mids dat het een Israëlit, en geen vreemde, ware, een, wien de Heere

verkoos en over hen ftelde. (ü") Dit ftreed

ook niet met de GoJs-regering over Israël; want hun voor en tcgenfpoed bleef afhangen van de .onderhouding van Gods wet, aan welke de koning zelf gebonden was; de koning ook wierd van God aan hun, als een koning, die onder Hem ftond, gegeven; waarom van Salomo gezegd wordt, dac hy zat op den throon van het koningiyk des Heeren over Israël. fV)

Tot dezen tyd tóe, hadden zy nog maar eens begeerd eeaen koning over zich te ftellen, toen Giueön, de richter, hen van de Midianiten verlost had. Maar deze wyze man begeerde zulks, zonder den Heere, noch voor zich, noch voor zyne kinderen, zeggende: (d) de Heere zal over u heerfchen. Gelyk het dan ook, naar de voorfpelling van Jotham , zeer kwalyk uitkwam , dat Sichems burgeren, met geweld, na Gideons dood, Abimelech, een zoon van Gideon, uit een bywyf verwekt, tot koning maakten. («) Na dien tyd, fchynt deze begeerte niet weder wakker geworden te zyn, dan toen zy een gevaarlyken oorlog tegen

hen

f§) Genef. xvii: 16. (6) Deur. xvir: 14—20. £<;)i Chron. xxvin: 5. en xxix: 23. Verg. 2 Chron. xm: 8. ld) Richt, vi 11: 22. (e) Ric/tt. ix.