Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i$6 De Nieuwe Reiziger.

pracht en heerlijkheid hebben. Men noemde dit den zetel van het keizerrijk, want fchoon de Keizers andere paleizen in Rome hadden, werd deze plaets befchouwd als hun gewoon verblijf, waer alles de tegenwoordigheid der heeren van den aerdbodem aentoonde, Het geene 'er nog van over gebleven mogt' zijn is voldrekt begraven onder de tuinen van het huis van Farnefius, waeruit men buiten twijffel onwaerdeerbare fchatten voor de oogen der oud-? heidkundigen zoude trekken.

Niet verre vandaer was het vermaerde gouden huis van Nero, dat verwoest wierd om plaets te maken voor andere gedichten, welken men insgelijks niet meer befpeurt dan in depuinhoonen. Suetoniiis onderricht mij dat de overdekte gallerij van dit paleis groot genoeg was om het kolosfenbeeld van dezen Keizer, dat hondert en twintig voeten hoog was, te plaetfen; dat een waterboezem, zoo breed als eene zee, omringd was van gebouwen, die naer deden geleken ; dat de tuinen en parken zweemden naer een uitgedrekt veld, waerin men bebouwde landen, wijngaerden, bosfchen, kudden enrps, fe beesten vond; dat alle de vertrekken glinsi terden van goud, gedeente en paerlemoêr, en dat men de eetzalen derwijze geplaetst had, dat de welriekende waters en reukbloemen zich natuurlijk over de gasten fchenen te verfpreiden. Kortom deze Vorst dacht niet wel gehuisvest te zijn, dan toen hij zjch meester had gemaekt van djt ganfche gedeelte van het Roomfche gebied,

d$.$

Sluiten