is toegevoegd aan uw favorieten.

De nieuwe reisiger; of Beschryving van de oude en nieuwe waerelt.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ïo9

De Nieuwe Reiziger.

tegen mij te verdeedigen, wilde ik hen, om een afwending ten mijnen voordeele te maaien, beduiden, dat zij door mijn lachen niet moeiten begrijpen, of ik de waarheid van de zaak zelf, naamlijk dat deeze beenderen indedaad de beenderen van - die heiligen geweest waren, poogde te ontkennen! dat ik zulks m geenen deele wilde betwisten; — maar dat ik gelachen had om dat, nu met den gebranden naar 't graf te willen gaan, mosterd na de maaltijd ware! dat wij ons van te vooren aldaar geaddresfeerd moesten hebben, ten einde Sadrach, Mezach en Abednego voorzorgen hadden gelieven te neemen, dat mijn bedienden het kookende water niet over zijn lijf gekreegen had, en dergelijke meer. — Maar hier meede verbruide ik de zaak nog erger. Er (tonden gedugte getuigen tegen mij op, die mijne ketterfche gevoelens daarmede beweezen, dat ik niet in de wonderdoende kragten deezer heiligen, die zij zelf ondervonden hadden, geloofde. Eindlijk liep het zo verre, dat mijn huid niet langer veilig fchcen. te zullen zijn, waarom ik de partij moest kiezen, om die verblijf ten ontijde te verhaten. Op ftraat zijnde werd ik door drie knaapen aangevallen, die het meest voor Sadrach, Mezach en Abednego geijverd hadden, en die mij al vrij wat meer flagen toetelden, dan ik in ltaat was hen te kunnen wedergeeven. De wagt maakte een einde m deeze klugt. De Officier, die mij op.

brag-