is toegevoegd aan uw favorieten.

De godsdienstvriend

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 74 )

Daar wij dus geen grond voor zulk een denkbeeld vonden, zagen wij ook de eerde Godgeleerden van onzen tijd dat vooroordeel, gelijk .wij 't eigenlijk noemen moeten, ver^ lakten en vastftellen , dat Ier gene rede is om aantenemen, dat de Engelen op den eerften dag der zesdaagfche fchepping, welke ons mos es befchreven heeft, zouden zijn gefchapen geworden. Wij wilden met onze onbevooroordeelde Lezers dit Huk thands wat nader onderzoeken. De bewijzen, welke men voor het oude denkbeeld heeft bijgebragt, zullen wij in de eerde plaats ter toetfe brengen.

Alle bewijzen komen hier op uit. — Voor het begin, dat moses bepaald, kunnen zij niet gefchapen zijn geworden, en op den derden dag waren zij 'er reeds, dewijl zij toen zongen volgends Job XXXVIII: 7. derhalven zullen zij op den eerden dag met den hemel te gelijk gefchapen zijn geworden.

Wij erkennen, dat uit de plaats van job blijkt, dat de Engelen bij de grondvesting der wereld reeds aanwezig waren en daar over juichten. — Intusfchen, — om dit in 't voorbijgaan op te merken, — is 'er geene rede om zich hier enkel en alleen tot de Engelen te bepaalen. — 'Er is thands niet-een v.erftandig en edelmoedig Godgeleerde meer, die niet toedemt, dat het hoogstwaarfchijr.lijk is, dat 'er behalven de Engelen ook nog andere redenliike wezens op andere bollen beftaan. — Dus kan de benaaming van Morgenfterren en Kinderen Gods ons zoo wel op andere redenlijke wezens , als op de Engelen wijzen.

Voornaamlijk echter denken wij hier aan Engelen.

Dit is dan boflist; toen de aarde gegrondvest werd , bei Honden de Engelen reeds. 1—H

Maar wanneer gebeurde dit ? ir Wanneer werd de

aarde gegrondvest ? ■ Men zegt op den derden en ook

al op den tweden dag.',- .Dit zij eens zoo. ■ Wat

volgt, 'er dan uit? Dat.de Engelen op den tweden dag 'er reeds waren: maar niet dat zij daarom op den eerden, dag gefchapen zijn geworden. Behalven dat. Het-geene.

God ..tot job zegt in het 6de vers: „Waar op zijn, haare,, grondvesten nedergezonken? Ofte wie heeft haaren hoek,, deen gelegd?" Wijst ons op het allereerde begin der Schepping. Wanneer toch grondvest een bouwman? Wanneer legt hij een hoekdeen ?. Zoo als hij begint, te bouwea. Dierhalven moet men zeggen op den eerften-dag werd de

aar-