Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 235 )

dacht hij niet , dat hij heden den messia zoude zien; echter hij hadt een zeker vrolijk voorgevoel. .— Hij gaat met meer drift dan ooit naar de wooning des Heeren. -— Nauwlijks ziet hij hier josef cn maria met het kind naderen, of een godlijke wenk onderrigt hem op dat zelfde oogenblik, dat dit kind de messia is, welken hij_ verwachtte. Vol van verhevene gedachten en aandoeningen

neemt simeon het kindeken op. Maria ziet het

met verwondering — hij houdt het eenigen tijd in zijne armen, drukt het aan zijn hart, geeft zich geheel aan de vreugd van het langgewenscht gezigt over , ziet naar den hemel, en berst in deze woorden uit: „ Heere! laat nu, volgends uwe belofte, uw dienstknecht ,, in vrede verfcheiden!

Want nu hebben mijne oogen Hem gezien, den Hei„ land 1 dien gij ten beste van alle volken gefchikt hebt!

„ Een licht tot verlichting der heidenen, en eene eere „ voor uwe Israëliërs."

Hij zwijgt, ftaat in verrukking met het kindeken ; wijl josef en maria over die taal enkel verwondering zijn.

. Nu wendt zich de grijsaard Q tot het oudren paar,

wenscht hun geluk met dien wonderzoou , gaf hun den zegen , noemde ze gelukzalig , keert zich bijzender tot maria en zeide: „ Dit Kind wordt befterod tot eenen , val en opregting van veelen in Israël, en tot een tee\, ken, dat wederfpraak zal lijden; ja, daar zal zelfs met " hem gebeuren , het geen als een zwaard u de ziel zal H doorbooren 5 en dit alles, ten einde de gevoelens uit " veeier harten ontdekt en openbaar worden." ' Simeon ontdekte hier maria meer bijzonder het oogmerk van de komfte van den messia, deszelfs lotgevallen, en derzelver gevolgen met opzigt tot de natie, zaken, die maria thands noch denken, noch zich verbeelden konde. Althands veelen van dezelve waren haar nog verborgen. — Waar in haar harte-fmert zoude beftaan, welk een tegenfpraak jesus zoude lijden, om dat hij de verborgenheden van het menschlijk hart zou openbaren , hoe evenwel het groote heil van veelen door hem tot ftand zoude komen, dit alles zweefde nog maar duister voor haare oogen, en

mis-

(*) Men kan wel niet Heilig verzekeren, dat simeon een hoogbejaard man geweest zij , echter fchijnt zijne taal: Nu Heere enz. *ai aan te duiden.

Gg s

Sluiten