is toegevoegd aan je favorieten.

De godsdienstvriend

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 174)

hebbende over het kwaad. — Dan zoudt gij de barmhartigheid uwes Gods, op een geheel nieuwe en heerlijke wijze , als een boetvaardig zondaar ondervinden.

Ja, o.'uitfpreeklijk is tevens deze goedheid en barmhartigheid iegettl berouwhebbende en boetvaardigen. —— M ;n noeme een' eenigen boetvaardigen zondaar in de gewijde 'historie, 'die zich niet over Gods barmhartigheid verblijdde. adam, david, achab, manasse, petrus, p au lus j de Bloedfchender te Corinthen , geheele volken', de Israëliten en A'inivi'ten, zijn die allen niet getuigen 'en voorbeelden van de zich fteeds gelijke, nooit genoeg te prijzen langmoedigheid en barmhartigheid Gods? Is God goedertieren omtrend ondankbaaren en boozen; zal hij het dan niet, veel meer, jegens berouw hebbende en boetvaardigen zijn? Verdraagt hij den ligtvaardigen en verftokten zondaar, gunt en doet hij hem goed; wat zal hij dan hebben te wachten, die zich over zijne ongebondenheid fchaamt — en met fchuldbelijdenis demoedig tot God nadere — kermende om genade?

En hoe groot moet nu niet Gods goedheid zijn omtrend

zulken, die hem, als zijne kinderen , oprecht dienen!

Geeft mij —■ geeft mij, gij gelukkige Bekenden met God! gij zielen Gode dierbaar ! uwe gewaarwordingen , bij de verlichte, wijze befchouwing van Gods werken en deszelfs overheerlijke natuur — uwe edele verheven aandoeningen, in de ftille en plegtige uuren van godsdienftigheid, en, bij 't bedaarde lezen, hooren en overdenken der hemelfche openbaaring; geeft mij uwe bevindingen bij het vooruitdenken en gelooven in een' toekomenden ftaat, die op u wacht; bij het denken, befchouwen en aanbidden van hem, wien gij gelijkvormig zijt, met wiens liefdezin gij ubekleedt, en u daar door als zelv' vergeet — Geeft mij de Godlijke aandoeningen, die de zelfftandige, eeuwige liefde in uwe zielen verwekt, waar mede hij alle uwe aandueningskragten

drenkt, zaligt en boven bidden en verftaan verzadigt; .

Wanneer gij uwe broederen bemint met zijne liefde, wanneer gij met de tederfte genegenheid hun welzijn behartigt; i— wanneer gij voor hun , 't zij vrienden of vijanden, uwe

gebeden tot hem opzendt; wanneer gij u-zelven om

hunnent wille als vergeet, alleen om hen te zegenen, gelukkig te maaken, aan elk gevaar en elk bederf te ontrukken, alleen om ze bevorderd, vergenoegd en gelukkig te zien; —. Wannneer gij in den geest der ondoorgrondelijke en onvergelijkelijke liefde van christus, voor u-zeiven niets

zijt