Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NAAR DE OOSTINDIEN. 229

enkel vermaakshalve. Dikwijls wandelde ik met eenen redelijken inboorling, dien ik er toe verzogt, of met eenigen van de Franken door de Had, om den tijd te korten en te zien, wat er al voorviel; zonder ons aan het gefchreeuw: Frangi Cucu (Franken — hoorndrager) te Horen, waarmede wij door eene geheele ftraat vervolgd werden. Zomwijlen bezogten wij des avonds eenigen buiten de ftad, alwaar de bedienden toeftel tot onze ontvangst hadden gemaakt, welken tot dat einde waren uitgezonden, en werden er met koffij, wijn en vrugten onthaald. Den eerften dag hadden wij eene partij van den laatstgemelden aart. Mevrouw *** bewees ons de eer van ons te geleiden. De plaats, waar wij heen wilden, was in eene reeks van fchoone landlijke tuinen, lig. gende langs den zoom der rivier, alwaar de voortreflijk bebouwde grond met eenen verbazende» overvloed van de beste eetbaare planten , bloemen , bloeijende ftruiken en vrugtboomen de zinnen op de aangenaamfte wijze vergastte. De ahornboomen , de wilgen, esfen, granaatappelen eene menigte andere boomen, die in eene bijna ondoordringbaare digtheid bij elkander gegroeid zijn, verfchaffen eene aangenaame lommerrijke toevlugtplaa.es tegen de gloeijende ftraalen der zonne. Hier deed zig voor mij het eerfte bewijs op van P 3 de

Sluiten