Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

III

BOEK VII

Hoofdft. na C. G.

Jaar363. tot 476.

1

i i i

c

p

g

v 1]

g<

la

et. de bc _ke

Bi

Cc,

3« K E R K E L IJ K E

beien (*); waar hij, onder anderen, meldt, dat JULius I, Bisfchop van Rome, van bet jaar 336 tot 352, op verzoek van den Bisfchop van Jerufalem, berichtende, dat hij niet op éénen dag, den zesden Januarij, At Geboorte en den Doop van Christus kon vieren, omdat Bethhhem en de Jordaan zoo ver van eikanderen lagen, dat derhalven juuus den waaren tijd dezer gebeurenisfen nauwkeurig mogt .inrekenen, zulks werklijk gedaan en gevonden zal lebben, dat de Geboorte van christus op den tfflen December, en zijn Doop op den zesden Jawar ij, plaats hebbe gehad. Aan den anderen kant aeldt deze joannes van Niceë, dat men in de Geïeente van Rome, ten dezen tijde, het Feest van hristus Geboorte, op den a5ften December verlaatst zal hebben, om de inwoners aldaar van hun ïliefd Heidcnsch Feest, Nataiis invicti folis, hetelk op denzelfden tijd gevierd werd, te ontwenin, en daar voor eenen Christelijken Feestdag te ven. Hoe verdacht ook zoodanige berichten0 uit tter tijd zijn mogen, zij kunnen echter eenigen ond van waarheid hebben, te weten, dat de vijftwintigfle December, zcdert het midden der viereeuw, in de Gemeente van Rome, tot het Geortefeest van christus is aangenomen. En zer, deze tijdsbepaling vond allengs, nog in de ge-

mel-

C ) De Nativitate Domini in combefis. Auct. Nov. hlioth. PP. T. II. p. 297. Verg. cotelier Not. ad iftitt. Apost. Libr. VIII. Cap. 13. p. 2i<S.

Sluiten