Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GESCHIEDENIS. 149

Steden den Keizer ongetrouw, en behartigden hunne eigene belangen. Eindelijk de Christen onderdanen des Keizers waren, door de verfchillcn over den Godsdienst, van welken wij, in het voorgaande Boek, gefproken hebben, waar bij nu nog die n met de Monotheliten kwamen, in welke heraclius J zich nog in zijne laatfte jaren mengde, zoodanig \ verdeeld,, en onderling zoo hatelijk, dat de verfchillende partijën zich liever aan de overheerfching der Arabieren, en de befcherming van derzelver Vorsten onderwierpen, dan dat zij de mishandelingen der andere partijën verdragen, of zich met dezelven verzoenen wilden. Daartegen waren de Arabieren niet alleen verëenigd, maar ook met geestdrijverij voor hunnen nieuwen Godsdienst vervuld, die hun de heerlijkfte belooningen toezeide, indien zij vechtende fneuvelden, hetwelk hunne krijgsvolken, die ook door bekwame Veldheeren werden aangevoerd, onverwinnelijk maakte.

Terftond na de dood van heraklius, in het jaar 641, ontftonden oproeren , die de verwarring vermeerderden, en voor de Saracenen hunne veroveringen gemakkelijk maakten. Zijne Zonen werden door hunne Stiefmoeder, en deze met haren Zoon, op hare beurt, nog dat zelfde jaar, van kant geholpen, en konstans, zijn Kleinzoon, op den troon geplaatst, onder wiens regering, welke van 641 tot 668 duurde, de Saracenen de Eilanden Cyprus en Rhodus vermeesterden, konstans werd te Syracufe in Silicië in eene badftoof omgebragt. Zijn Zoon konstantinus , Pogonatus bijK 3 ge-

IV

boek 1

Afdeel. I

loofdft. aC. G. aar 622. Dt 814.

Opvolgers van

heraklius , tot den ondergangvan zijn geflachb

Sluiten