Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV

BOEK II

Afdeel. I

Hoofd/1, na C. G. Jaar 814. tot 1073. j

| 1

v

f t II

g

ü

O]

al &

gi of lai bL ee; de Xc

3° KERKELIJKE

ouderdom van vier jaren, aan het onderwijs werd toebetrouwd van BALDElUK, naderhand Bisfch * van Utrecht. Onder wiens beuuur hij eerst de Spraakkunde leerde, vervolgens leerde hij den Dien-

GrielZ^T- Verfean; " Verdei'S alM^e Gn èfche en Lattjnfche Schrijvers lezen. Hier bij nerkt LAUN0I (*) aanj dat ADE >

^ Utrecht, de llichter of herfteller van dit School ;eweest 1S, waar in baldiuk een' tijd lang geleerd eeft. Vele Bisfchoppen waren zelve' OpziLfl

"rj11^,1;66™^81"8 'm dezelven; te meer, dertjl te Btsfchoppelijke Scholen in aanzien kwamen :dert de inrigting der Kanunniken in achting raalJ Deze namelijk kregen onder anderen deze be. emming, dat zij, behalven hun eigene oefeninm, ook zorgen moesten voor het onderwijs van nge leden of andere leerlingen. Een van de oud»Kanunniken, die in geleerdheid en eerwaardige den boven anderen uitfrak, kreeg bijzonder het >zigt over dezeKerkelijkeScholen, en hem gaf men lengs den in de Kloosterfcholen gebruikelijke,, naam ■holasucus. Ook heette hij, zelfs al vroeger, Ma. ster, of Magister Schol*, als ook Caput Schol*

zamengetrokken Capifcholus, Scholaris enz Zol >g de Kanunniken aan hunne ftichting getrouw '■ven, en in gemeenfehap leefden, bleef dit enkel ■ ambt, het geen van den eenen Kanunnik op 1 anderen verlegd werd. Maar toen zij van de Ie eeuw af begonnen deze levenswijze te verlaten,

*0 De Scholis Celcbrior. C. 30. p. 3p. ^

Sluiten