Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GESCHIEDENIS. 231

inzegening waren. De Hervormden beriepen zich met aile vertrouwen daar op, dat ratramn hun dat is het oudlïe denkbeeld der leere van het Avondmaal voorgedragen heeft, maar des te nadrukkelijker verklaren de aanzienlijkfte Roomfche Godgeleerden, sixtus van Siena, bellarmyn , possevin, en anderen , ratramn regelregt voor eenen Ketter, en de Boekenkeurders, door de Kerkvergadering van Trente aangefteld, hebben het Boek op de lijst der verbodene Boeken geplaatst, mabillon toonde duidelijk, dat het Boek echt is, en van ratramn gefchreven, maar onderftond ongelukkig te bewijzen, dat de broodverandering van radbert ook in hetzelve geleerd wordt. En nog in later tijden is men het in de Roomfche Kerk niet regt eens, wat men van dit werk van ratramn te denken hebbe.

Jammer is het, dat het werk van joan scot, den eenigften Wijsgeerigen Godgeleerden van dezen tijd, over het Avondmaal , verloren is geraakt, hetwelk hij insgelijks door karel den Kalen gelast was op te Hellen ; waarfchijnlijk behoort hij ook onder de tegenfprekers van radeert, en zijn Boek zal verloren gegaan zijn, omdat het van het gevoelen verfchilde, hetwelk naderhand als Regtzinnig gegolden heeft, hincmar van Rheims (*) ten minften, Helt op de lijst der dwalingen van scot en van prudentius, Bisfchop van Troyes, het gevoelen : dat de Sacramenten des altaars niet het ware ligchaam en bloed des Heeren; maar alleen

de

(*) De Pnedestinatione C. 31. T. I. Opp. p. 232. P 4

IV

BOEK II '

Afdeel.

VI Hoofdft. na C. G. Jaar 814. tot 1073.

?COT«

gevoelen over het Avondin na 1.

Sluiten