Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

V

BOEK IV

Hoofdrt. na C. G. Jaario73. tot 1517.

1 1 1 1

1

l

2 2

Vrees felijke banvloeken 2 van den fl Paus te- j( gen lodewyk. b

ei tt o k zi d; w

10 KERKELIJKE

bruiken, waar toe hij den Koning van Frankryk vermaande, hem bij te ftaan, ten einde, gelijk hij zich uitdrukte, het beest, dat aan den Satan was overgegeven, uit de Kerkte weeren, ook zerte hij andere Vorsten, bijzonder den Koning van Bohemen, tot den oorlog aan, en (boorde de Vorsten op tot eene nieuwe verkiezing van eenen Roomsch - Koning.

Van de moedige befluiten der Duitfche Vorsten ïad men alles mogen verwachten; maar zij veranlerden reeds in 1344, en toonden als 't ware hun nisnoegen tegen lodewyk , omdat hij zich zoo laag foor den Paus vernederd had; en begeerden , dat lij her Rijk zou afftaan aan karei, , Markgraaf van Moravië, Zoon des Konings van Bohemen; hij floeg vel zijnen eigen Zoon, den Markgraaf lodewyk ■an Brandenburg voor, maar de Vorsteu zeiden em, dat men zich in het vervolg wel wachten ou, om eenen Beyerfchen weder op den troon te et ten.

Thans fcheen dus alles den Paus tegen den Keier gunftig te worden, alzoo deze op geenen Vorst aat kon maken, en zelfs de Koning van Bohemen 1 het jaar 1345 in zijn gebied viel. Evenwel verond lodewyk zich met eduard van Engeland, 1 de Koningen van Polen en Hongaryen, de Her»gen van Oostenryk en Markgraven van Meisfen, ik floot hij een vergelijk met den Koning van Bomen; en dewijl vele Lombardifche Grooten op jue zijde overkwamen, was 'er waarfchijnlijkheid, it lodewyk met een leger in Italië zou vallen, lar de Koning van Hongaryen bijna reeds meester

van

Sluiten