is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene kerkelijke geschiedenis, der christenen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GESCHIEDENIS.

93

vruchteloos te maken, en eer hij door geweld uit de gemeenfchap dezer Kerk werd uitgedreven; hij fchreef aan spalatinus den isden October, dat hij zich nu geheel vrij en van alle betrekking tot de Roomfche Kerk ontllagen rekende, als zijnde thans volkomen zeker, dac de Paus de Antichrist en de Stoel des Satans openbaar was geworden; openlijk beriep hij zich op eene vrije aigemeene Kerkvergadering, en vermaande den Keizer en de Rijksvorsten, om de dwingelandij tegen te ftaan en de Bulle niet te laten afkondigen , tot dat hij wettig verhoord en geoordeeld ware. Tevens befloot hij, aan zijne fcheiding van de Roomfche Kerk openlijk en Hatelijk gezag bij te zetten, ten dien einde liet hij den loden December 1520 buiten de poort te Wittemherg eenen houtftapel oprigten, en daar wierp hij, in tegenwoordigheid der ftuderende jeugd en van eene groote menigte volks van allerlei ftaat en rang, de Bulle tegen hem uitgegeven, als mede de Befluiten, (Decretalen,~) en Regels tot 'sPaufen oppermagt betrekkelijk, in het vuur. Door dit bedrijf verklaarde hij voor al de wereld, dat hij niet langer een onderdaan was van den Roomfchen Paus, en dat, ingevolge hier van, het banvonnis, hetwelk hij dagelijks uit Rome verwachtte, geheel overtollig en van geene beteekenis was (*). — Echter fcheidde zich luther hier mede niet van de Kerk, maar alleen van de Roomfche Kerk, voor zoo ver hij dezelve

als

(*) Deze is eene aanmerking van mosh. Kerk. Gefch. VI Deel, Bladz. 80.

ïaC. G. [aan 517. :ót 1552.

deRoomfche Kerk