is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene kerkelijke geschiedenis, der christenen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GESCHIEDENIS. 103

ning in 'dezen ftrijd overal zonder verdere bedenking toegekend. De zaak was zoo klaar geworden, dat alle twijfel verdween.

Snel waren ongeveer dien tijd de voortgangen i der Hebreeuwfche letterkunde, nadat de gemelde erpenius de Arabifche taalkunde in groote achting ; had doen Hijgen, zoo door zijne lesfen, als door I Zijne uitgegevene fchriften. ' Zijn leerling en opvolj ger te Leyden, jakob golius , deed nog meer, i voornamelijk door het gemeen maken van zijn be* roemd Arabisch Lexicon. Voorgelicht door beide I deze Hollandfche geleerden, bezorgden zich in de 3 Oosterfche ftudie den grootften roem eenige Engel il fche geleerden, die den dank der nakomelingfchar. : en waardig zijn, en ook nu nog van allen ontvan j gen; als daar waren eduard pocok, Hoogleeraai ;! in de Hebreeuwfche taal te Oxfort van het jaa: , 1636 tot 1691, en thomas hyde , deszelfs opvolger, 1 die ten jare 1707 ftierf. Inzonderheid moete met il hier niet vergeten onzen voortreffelijken landgenool I adriaan reland , die als Hoogleeraar der Ooster| fche talen te Utrecht overleed in het jaar 1718, I Niemand evenwel blonk in deze ftudie, met ontftfr il king van nieuw licht, ter verheldering van het g& I heele vak , zoo zeer uit, als de groote albert. | schultens , Hoogleeraar in de Oosterfche talen te | Leyden. Doch het gene deze geleerde man te dier li aanzien verrigt heeft te vermelden, behoort thans tot het beftek onzes fchrijvens niet. Hij bloeidf : in de achttiende eeuw. Elders hebben wij van zij G 4 n<

na C. G. Iaari5$2. tot 1700..